Het diafragma de belichtingsdriehoek

Herh.: De belichtingsdriehoek

  • Een foto maak je altijd door gebruik te maken van de drie basiswaarden: diafragma, sluitertijd en ISO.
  • Deze werken altijd samen en vormen de belichtingsdriehoek.
  • Verander je één waarde dan heeft dit een invloed op een andere waarde.
  • Vandaag bekijken we het diafragma van naderbij.

Het diafragma...

  • ... regelt de hoeveelheid licht die via het objectief op de sensor valt.
  • ... regelt de scherptediepte op je foto.
  • ... bepaalt de lichtsterkte van het objectief.

1. Diafragma als 'lichtregelaar'

  • Je kan het diafragma nog het best vergelijken met ons oog. Wanneer we buiten staan op een zonnige dag, dan zijn onze pupillen klein. Omgekeerd, wanneer het buiten donker is, dan worden onze pupillen groter om meer licht door te laten.
  • Kort door de bocht kunnen we dus zeggen dat we het diafragma gaan aanpassen enkel en alleen aan de verschillende lichtomstandigheden.
  • Het diafragma wordt aangeduid door een diafragmagetal, voorbeeld f/4.0.
  • Deze waarde wordt berekend door de brandpuntsafstand te delen door de diafragma opening (uitgedrukt in mm).
  • Dit getal noemt men nu het diafragmagetal.
  • De grootst mogelijke opening of het grootste diafragma wordt aangeduid door een klein getal.
  • De kleinst mogelijke opening of het kleinste diafragma wordt aangeduid door een groot getal.
  • Elke overgang (van klein naar groot) is een halvering van de hoeveelheid licht.
  • Met andere woorden f/1.0 laat één stop meer licht door dan f/1.4.
  • Wanneer je hetzelfde onderwerp fotografeert, onder dezelfde lichtomstandigheden, dan zal je onderwerp lichter worden wanneer je diafragma f/1.0 gebruikt.
  • Wanneer je je diafragma verandert, dan heeft dit een invloed op je sluitertijd.
  • Als je de vorige oefening zou herhalen met je ISO waarde, dan zie je dat dit ook een invloed heeft op je diafragma.
  • Deze link noemen we de belichtingsdriehoek.
  • Het diafragma doet naast het regelen van het licht nog iets veel belangrijkers.
  • De hoeveelheid licht, geregeld door het diafragma, die op de sensor valt, bepaalt hoeveel scherptediepte er in de foto zit.

2. Diafragma & scherptediepte

  • Scherptediepte = de afstand waarbinnen het onderwerp op de foto scherp wordt weergegeven.
  • Door te spelen met je diafragmawaarde krijg je enerzijds een volledig onscherpe achtergrond of anderzijds een volledig scherpe achtergrond en alles wat daar tussen zit.
  • Bij een groot diafragma (of een 'klein' getal) zal de zone voor en achter het scherpstelpunt onscherp zijn.
  • Bij een klein diafragma (of een 'groot' getal) zal de zone voor en achter het scherpstelpunt scherp zijn.
  • Dit geeft aan de fotograaf heel wat creatieve mogelijkheden.
  • Zo kan je als fotograaf delen in je beeld maskeren of juist gaan benadrukken.
  • De keuze van het diafragma is de basisvoorwaarde voor de mate van scherptediepte.
  • Hoe kleiner het getal, hoe minder scherptediepte.
  • Hoe groter het getal, hoe meer scherptediepte.
  • Naast het maskeren van gebieden, zal je de scherptediepte voornamelijk gebruiken om sfeer in je beeld te brengen.
  • Probeer bij het fotograferen zoveel mogelijk te spelen met het diafragma.
  • Kijk wat de verschillende waarden doen met je beeld.
  • Stel jezelf de vraag welk diafragma het meest geschikt is voor je onderwerp.
  • Hieronder enkele voorbeelden:
  • De scherptediepte wordt echter niet alleen beïnvloed door het diafragma.
  • Er zijn verschillende factoren die invloed hebben op de scherptediepte.
  • Daarover lees je hier meer.

3. Lichtsterkte

Made with Adobe Slate

Make your words and images move.

Get Slate

Report Abuse

If you feel that this video content violates the Adobe Terms of Use, you may report this content by filling out this quick form.

To report a Copyright Violation, please follow Section 17 in the Terms of Use.