Loading

Het oog van de kunstenaar Franciscus Aguilonius en zijn Opticorum Libri Sex

Wie kunst creëert, moet een goed oog hebben voor afmetingen en verhoudingen. Enkel door de wereld zeer nauwkeurig te observeren kan een kunstenaar de realiteit vertalen naar het tweedimensionale vlak van een schilderij of gravure. Ook driedimensionale beeldhouwwerken vereisen inzicht in hoe mensen objecten vanuit hun standpunt percipiëren. Vanop de grond bekeken zien de proporties van een sculptuur hoog op de façade van een kerk er bijvoorbeeld helemaal anders uit dan wanneer datzelfde beeld zich vlak voor de toeschouwer bevindt. Enige kennis van de menselijke waarneming en het gedrag van het licht is dus essentieel voor elke kunstenaar.

De wiskundige en architect Franciscus Aguilonius wijdde een zesdelig werk aan het gezichtsvermogen en het gedrag van het licht. Hierin beschreef hij bijvoorbeeld de werking van het oog en het binoculaire zicht, het waarnemen met twee ogen wat het inschatten van diepte mogelijk maakt.

Het laatste boek handelt uitvoerig over projecties. Zo gebruikte Aguilonius als eerste de term stereografische projectie voor de afbeelding van een bol op een plat vlak. Zijn bijdrage aan de optica betekende een belangrijke stap voorwaarts voor architecten, kunstenaars en kaartenmakers.

De titelpagina van Opticorum libri sex verwijst naar op verschillende manier naar 'zien': bovenaan zie je pauwenogen, links heeft Asclepios het hoofd van de reus Argus vast met zijn vele ogen (vandaar de uitdrukking 'met argusogen') en rechts wordt op het schild Medusa afgebeeld, die je met haar blik kon doen verstenen.

Aguilonius’ Opticorum libri sex verscheen in 1613 bij de Officina van Plantijn, met illustraties van niemand minder dan Pieter Paul Rubens. Die maakte het ontwerp voor de titelpagina en de opening van elk hoofdstuk.

De afbeelding bij hoofdstuk vier ‘Over misleidende verschijningen’ toont een man die nu eens met het linkeroog, dan weer met het rechter naar een voorwerp kijkt. Afhankelijk van het oog lijkt de plek van een voorwerp ten opzichte van de achtergrond te verschillen.

De gravures van Rubens bij de titelpagina's van de overige vijf hoofdstukken van Opticorum libri sex

Rubens en Aguilonius sloegen wellicht nog voor een ander project de handen in elkaar: de befaamde Carolus Borromeuskerk die nog steeds de Antwerpse binnenstad siert. Aguilonius was de drijvende kracht achter de bouw van de barokke kerk en gaf mee input aan de oorspronkelijke plannen. Rubens ontwierp tal van decoratieve motieven, zowel binnen als buiten, zoals beeldhouwwerken en plafondschilderingen.

Rubens werd overigens ook beïnvloed door de kleurentheorie die Aguilonius in zijn eerste hoofdstuk uiteenzette. Hierin onderscheidde de wiskundige naast zwart en wit ook geel, rood en blauw als primaire kleuren, met groen, paars en oranje als samengestelde kleuren.

Getoonde afbeeldingen
  1. Franciscus Aguilonius, Opticorum libri sex philosophis iuxta ac mathematicis utilis (1613, Antwerpen) - Museum Plantin Moretus (R 52.1)
  2. Franciscus Aguilonius, Opticorum libri sex philosophis iuxta ac mathematicis utilis (1613, Antwerpen) - Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience (G 5050 [C2-568 d])
Created By
Flandrica.be Erfgoedbibliotheken online
Appreciate

Credits:

Een initiatief van de Vlaamse Erfgoedbibliotheken in samenwerking met de Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience (Antwerpen), Museum Plantin-Moretus (Antwerpen), de Openbare Bibliotheek Brugge, de Universiteitsbibliotheek Gent en KU Leuven Bibliotheken met steun van de Vlaamse overheid.