Loading

Nederlands Oefeningen, alles door elkaar

Nieuwe oefeningen (november 2017)

Blok 1 en blok 2

3.A.1

A. Paul, een afgestudeerde student, verlangt erg naar vakantie.

Welk zinsdeel is:

1. Paul, een afgestudeerde student

2. verlangt

3. afgestudeerde

4. naar vakantie

5. erg

B. De presentatrice, een donkerharige vrouw, luisterde aandachtig naar haar gast.

Welk zinsdeel is:

6. luisterde

7. donkerharige

8. naar haar gast

9. aandachtig

10. een donkerharige vrouw

3.A.2

Hieronder staan tien zinnen. Geef aan of de zinnen nevenschikkend of onderschikkend zijn.

1. Als u iets wilt bestellen moet u snel zijn, want de keuken gaat sluiten.

2. We hebben een leuke dag gehad op het strand, maar ik was wel moe toen we thuiskwamen.

3. De kustwacht houdt zwemmers in de gaten en grijpt in geval van nood in.

4. Vandaag ga ik niet zwemmen, omdat ik me niet lekker voel.

5. Eva heeft Joran een e-mail gestuurd en ze heeft hem ook gebeld.

6. Wil je dit weekend thuisblijven of heb je zin om weg te gaan?

7. Ik zie dat je vanochtend geen tijd hebt gehad om je te scheren.

8. Peter bakt een brood en Tjeerd helpt zijn vader.

9. Terwijl zijn klasgenoten plezier maken, zit Kees hard te blokken.

10. Vandaag gaat mijn zoontje niet naar school, want hij voelt zich niet goed.

3.A.3

Lees de tekst. Benoem de schuingedrukte, vetgedrukte woorden.

Kies uit: znw – lw – bnw – vz – pers. vnw – zww – hww – kww – bez. vnw – wederkerend vnw – wederkerig vnw – vr. vnw – aanw. vnw – betr. vnw – onb. vnw – onb. hoofdtelw. – onb. rangtelw. – bep. hoofdtelw. – bep. rangtelw. – ondersch. vw. – nevensch. vw – bw

Het gebruik van doping in (1) topsport is een groot (2) probleem. Het is niet gelukt hier een einde aan te maken, ondanks (3) het feit dat de controles steeds strenger worden. Er worden veel pillen gebruikt en (4) er is nu ook sprake van (5) een nieuwe vorm van doping: het (6) uitrusten van fietsen met motortjes die (7) moeilijk op te sporen zijn. Hoewel iedereen (8) het erover eens is dat hieraan een einde zou (9) moeten komen en sporters (10) zich bewust zijn van de risico’s, blijft het probleem bestaan.

3.A.4

Hieronder staan tien werkwoorden. Leid van deze werkwoorden een zelfstandig naamwoord af.

1. romantiseren

2. beheren

3. controleren

4. garanderen

5. anticiperen

6. blokkeren

7. debuteren

8. legitimeren

9. ambiëren

10. collaboreren

3.A.5

Hieronder staan vijf zinnen. Vervoeg de werkwoorden in elke zin. Kies voor de tegenwoordige tijd als de tijd niet duidelijk uit de zin blijkt.

Het … (1. verbazen) me niets dat mijn moeder haar kapsel alweer heeft …. (2. veranderen).

Zodra de schoenen waren … (3. afprijzen), heb ik ze meteen … (4. bestellen).

Nadat ze een rondje om het park … (5. skaten) heeft, … (6. besteden) Fatima de rest van de middag aan haar huiswerk.

Mijn zusje zei dat ze dieren in gevangenschap zielig … (7. vinden), waarna ze het konijn uit zijn hok … (8. bevrijden).

Omdat de weerman regen … (9. voorspellen), hebben de meeste mensen zich een ritje naar het strand… (10. besparen).

3.A.6

Hieronder staan 10 zinnen. Noteer de juiste schrijfwijze van de vetgedrukte woorden.

1 De gids leidde/lijdde ons enthousiast door het museum.

2 De timmerman maakte de latjes met een boud/bout aan elkaar vast.

3 Voordat je oliebollen kunt gaan bakken, moet het beslag eerst reizen/rijzen.

4 Kom, we gaan de weide/wijde wereld in!

5 Het lied ‘Vader Jacob’ kun je goed in canon/kanon zingen.

6 Dat lijnen is maar een gril/grill van Sanne; over een week eet ze weer normaal.

7 Door de grote regenval steeg het water tot het allerhoogste pijl/peil.

8 De geïnteresseerde koper bood/boot een hoog bedrag voor onze camper.

9 Na een uurtje verliet ik de kapperszaak met een nieuwe coup/coupe.

10 In sommige sprookjesboeken komen elfen/elven voor.

3.A.7

Hieronder staan tien woorden. Noteer de juiste meervoudsvorm van elk woord.

1 trolley

2 alibi

3 shampoo

4 illustratie

5 penalty

6 commentaar

7 brandkluis

8 cliché

9 leeuwin

10 coupé

3.A.8

Hieronder staan 10 woorden. Noteer het juiste verkleinwoord van elk woord.

1 loempia

2 verdieping

3 bodem

4 gang

5 tv

6 logo

7 taxi

8 coupé

9 pizza

10 aanrijding

3.A.9

Hieronder staan tien woorden. Verbeter de fouten met de apostrof.

1 bbq’en

2 CDA-er

3 ’s zomers

4 Irenes tas

5 Rik’s moeder

6 t’ waait

7 met zn allen

8 sms-en

9 Kees vader

10 PvdA’er

3.A.10

Hieronder staan 10 woorden. Verbeter alleen de fout gespelde woorden.

1 thee-ei

2 autoëxport

3 drieënhalf

4 elektricien

5 industrieel

6 bacterien

7 ideeën

8 naief

9 zee-eend

10 essentiëel

3.A.11

Vul in: is - lachen - loopt - preekt - ruilen - verloopt - volgen - wil - wordt - zinkt

1. Als de vos de passie ... boer pas op je kippen.

2. Als de vriendschap te groot is ... ze over.

3. Als de wijn is in de man ... de wijsheid in de kan.

4. Als de wijn ... zwemmen de woorden boven.

5. Als een engel Duivel ... is hij de booste van allen.

6. Als één schaap over de dam is ... er meer.

7. Als er twee ... moet er één huilen.

8. Als het aas ligt in de graven dan ... alle raven.

9. Als het getij ... verzet men de bakens.

10. Als het hooi het paard volgt dan ... het gegeten zijn.

3.A.12

Hieronder staan vijf zinnen. Vervoeg de werkwoorden in elke zin. Kies voor de tegenwoordige tijd als de tijd niet duidelijk uit de zin blijkt.

Ondanks dat hij voor wiskunde altijd goede cijfers … (1. behalen), … (2. beloven) het volgens Anil weer een lastige toets te worden.

Tegen de beschuldiging dat hij zijn buren … (3. bedreigen) heeft de verdachte zich … (4. verweren) zonder een advocaat te raadplegen.

Omdat mijn moeder alles … (5. bewaren), hebben mijn vader en ik haar ... (6. pushen) om spullen naar de kringloop te brengen.

Ik heb je al drie dagen geleden … (7. e-mailen), maar je hebt nog steeds niet … (8. replyen).

Toen wij wegens een lekke band … (9. stranden), … (10. verpesten) dat onze hele dag.

Nieuwe oefeningen (29 mei)

2.A.1

1) Ik heb de hele avond ........ tasje vastgehouden.

a. Annies

b. Annie's

2) Ik heb een anker op mijn arm laten ........ .

a. tatoëren

b. tattooëren

c. tatoeëren

d. tatoueren

3) Na de middelbare school kwam de ........ van zijn talenten pas goed op gang.

a. ontplooiïng (trema op 2e i)

b. ontplooiing

c. ontplooïing (trema op 1e i)

d. ontplooing

4) De grenspost werd bewaakt door soldaten met ........ .

a. mittrallieurs

b. mitrallieurs

c. mitrailleurs

d. mittrailleurs

5) De verslaggever ........ voorbijgangers.

a. intervieuwt

b. interviewt

c. intervieuwd

d. interviewd

6) Ik heb een ........ hekel aan spinazie.

a. hardgrondige

b. hartgrondige

7) Je kunt er niet ........ van uitgaan dat het in Lapland vriest.

a. a-priori

b. apriori

c. a priori

d. à priori

8) Dat is waar. Dat valt niet te ........ .

a. logenen

b. loochenen

c. lochenen

9) De acteur leek alles uit zijn hoofd te doen, maar naast het toneel stond iemand te ........

a. soufleren

b. souffleren

c. souvleren

d. soevleren

10) De recherche heeft alle bezittingen van de garagehouder ........ .

a. geconfiscueerd

b. geconfisqueerd

c. geconfiskeerd

d. geconfisceerd

2.A.2

Sterk of zwak?

1. borstelen - borstelde - geborsteld

2. klussen - kluste - geklust

3. meelijden - leed mee - meegeleden

4. ingraven - groef in - ingegraven

5. afranselen - ranselde af - afgeranseld

6. afladen - laadde af - afgeladen

7. dabben - dabde - gedabd

8. afslieren - slierde af - afgeslierd

9. bezitten - bezat - bezeten

10. mededelen - deelde mede - medegedeeld

2.A.3

Welke vorm ontbreekt?

1. kijken - … - gekeken

2. schieten - … - geschoten

3. dwingen - … - gedwongen

4. zinnen - … - gezonnen

5. lijden - … - geleden

6. zwellen - … - gezwollen

7. sluiten - … - gesloten

8. barsten - … - gebarsten

9. vechten - … - gevochten

10. lachen - … - gelachen

2.A.4

Welke vorm ontbreekt?

1. trekken - trok - …

2. zenden - zond - …

3. stijven - steef - …

4. wijken - week - …

5. laden - laadde - …

6. zwerven - zwierf - …

7. dingen naar - dong naar - …

8. moeten - moest - …

9. slapen - sliep - …

10. zwemmen - zwom - …

2.A.5

Welke vorm ontbreekt?

1. … - voer - gevaren

2. … - rook - geroken

3. … - prees - geprezen

4. … - begon - begonnen

5. … - droeg - gedragen

6. … - werd - geworden

7. … - sliep - geslapen

8. … - zat - gezeten

9. … - zeeg neer - neergezegen

10. … - weet - geweten

2.A.6

De letters zijn door elkaar gegooid. Welk werkwoord staat hier? Tip: 1 = flabberen!

1. freabelbn - fblbadree - gfaeelbbrd

2. atpeleifpn - tppidlee af - agtepliefpd

3. annkeatan - kantte aan - aakganent

4. hsrcloheen - hdhoslcreoe - hhoslercod

5. agredfgen - degrde af - agerefgdd

6. ligsesveen - vitse leeg - leegisvget

7. lriueen - ledriue - greluied

8. mevaeren - voer mee - magereeevn

9. bpijaplen - ltape bij – bglaipjet

10. meieenzgn - znog mee - meeezenggon

2.A.7

Welk voorzetsel hoort hier te staan?

1. Zij voldoet ….. alle eisen om toegelaten te worden.

2. Frankrijk en Duitsland hebben vaak ….. elkaar gevochten.

3. Dat liedje herinnert mij altijd ….. vroeger.

4. Het hangt ….. je examencijfers af of je slaagt.

5. Ons nieuwe huis is heel erg goed beveiligd ….. diefstal.

6. Jullie moeten niet constant zo ….. de zaken vooruitlopen.

7. Wie zich op tijd heeft aangemeld, dingt mee ….. de hoofdprijs.

8. De gekke man gaf zich ….. een politicus uit.

9. Het water is gezuiverd ….. alle ongerechtigheden.

10. Je moet in Londen nog altijd bedacht zijn ….. mist.

2.A.8

Welk voorzetsel hoort bij dit werkwoord?

1. ontkomen …..

2. bevreesd zijn …..

3. ingaan …..

4. (zich) toeleggen …..

5. lachen …..

6. voorzien zijn …..

7. schrikken …..

8. waarschuwen …..

9. je wenden …..

10. slagen …..

2.A.9

.... + .... = .....

1. boeren + metworst = …..

2. boogiewoogie + pianist = …..

3. gouden medaille + winnaar = …..

4. openlucht + theater = …..

5. lange afstand + loper = …..

6. lange baan + wedstrijd = …..

7. rode wijn + glazen = …..

8. vier gangen + diner = …..

9. zwarte kousen + kerk = …..

stomme film + actrice = …..

2.A.10

s, z, sc, ss, sz of s?

De explo(1)ie vernielde de lambri(2)ering van de di(3)otheek.

Hij weigerde hal(4)tarrig zijn finan(5)iële beleid te veranderen.

Het werd voor de a(6)istent een ob(7)essie om een eind te maken aan de malai(8)e.

Hij was ab(9)ent omdat hij een ab(10)es in zijn keel had.

2.A.11

Welk woord is goed gespeld?

1.

a. dukdalf

b. duckdalf

2.

a. begrafenis

b. begravenis

3.

a. lakoniek

b. laconiek

4.

a. toernooi

b. tournooi

5.

a. compliment

b. compliement

6.

a. alinia

b. alinea

7.

a. absent

b. abcent

8.

a. alleszins

b. allezins

9.

a. spersiebonen

b. sperziebonen

10.

a. rascist

b. racist

2.A.12

Werkwoordspelling

1. De tegenstander aanvaar__e de verkiezingsuitslag niet.

2. De mensen vluch__en na de overstroming naar hoger gelegen gebieden.

3. Vin__ jij dat dat je broer een juiste keuze heeft gemaakt?

4. Het lij__ geen twijfel dat dat het horloge ontvreemd is.

5. De uitgepu__e schaatser scheurde zijn pak tijdens de val.

6. De schaatsers werden toegejuich__ door het toegestroomde publiek.

7. De computer crashte als gevolg van de gedownloa__e cookies.

8. Op de Dam tree__ een groot aantal artiesten op.

9. In Veen tra__ de politie een aantal keer op.

10. Als Adriaanse bij AZ vertrek__, volgt Van Gaal hem op.

Oude oefeningen:

1.A.1

Wat is het meewerkend voorwerp?

1. De directeur gaf haar een mooi cadeau.

2. Het vakantiewerk heeft ons vijftig euro opgeleverd.

3. Voor de school stond een groep jongens.

4. Die overtreding kostte hem de gele kaart.

5. Hij liet haar zijn website zien.

6. De winnaar wordt een boekenpakket aangeboden.

7. Zij heeft hem het nieuwtje al verteld.

8. Heb je voor mij ook een blikje meegebracht.

9. Bij de opening van de schouwburg hebben ze alle bezoekers een drankje aangeboden.

10. Waarom hebben jullie dat aan hem gegeven?

1.A.2

Wat is het lijdend voorwerp?

1. Ze hebben de bezoekers bij de opening een leuke verrassing gegeven.

2. De toets heeft Albert een onvoldoende opgeleverd.

3. De leraar moest haar de iPod teruggeven

4. Iedere dag worden aan de ambtenaar veel vragen gesteld.

5. Artsen zonder grenzen hebben de slachtoffers medicijnen en dekens uitgedeeld.

6. Je opmerking lijkt me niet erg gelukkig.

7. Zij leent haar zus nooit iets.

8. De leraar liet de klas de nieuwste Lijsters zien.

9. We hebben mijn opa een fles drank gegeven.

10. De burgemeester is vanmorgen het eerste exemplaar aangeboden.

1.A.3

Wat is het onderwerp?

1. Op Terschelling stonden borden op het strand die waarschuwden voor de gevaarlijke stroming.

2. Bij deze verschrikkelijke hitte ga ik dat werk niet doen.

3. Tijdens het toernooi zal de sponsor de drankjes betalen.

4. Tijdens de uitwisseling in Denemarken heb ik mijn telefoon verloren.

5. Wij zagen in de haven een prachtig zeiljacht.

6. Je moet hem wel zijn boek teruggeven.

7. Zij is dol op haar hondje.

8. Hij gaf het haar.

9. Dat lijkt mij niet handig.

10. Hij stond te wachten op zijn vriendin.

1.A.4

Wat is de persoonsvorm?

1. Ik eet een boterham.

2. Ik zit de hele dag op twitter.

3. Ik retweet nooit.

4. In de avond moet ik mijn telefoon inleveren.

5. Mijn telefoon gaat om de haverklap.

6. Ik ren me rot naar alle lokalen.

7. De vrijdag is echt te lang.

8. Morgen moet ik trainen voor voetbal.

9. Zaterdag heb ik een wedstrijd.

10. In dat restaurant kom ik graag.

1.A.5

Zeg van de werkwoordsvormen of ze een hulpwerkwoord (hww), een zelfstandig werkwoord (zww) of een koppelwerkwoord (kww) zijn.

(1. Mag) jij vuurwerk (2. afsteken)?

Hij (3. heeft) een nieuwe auto.

De meeste leraren (4. zijn) aardig.

Zij (5. mag) zaterdag naar de disco.

Dr. Atkins (6. was) toen weer drie kilo (7. aangekomen).

Dat (8. zou) ik nooit (9. gedaan) (10. hebben).

1.A.6

Welk voorzetsel?

1. een gesprek voeren … je mentor

2. een overwinning behalen … je tegenstander

3. het besturen … een auto

4. stuiten … een zwerm bijen

5. mededelingen doen … de situatie

6. het woord richten … de klas

7. een beroep doen … zijn verantwoordelijkheidsgevoel

8. verslaafd zijn … gamen

9. gehecht zijn … luxe

10. vertrouwen hebben … iemand

1.A.7

Jou of jouw, u of uw?

1. Is dat schrift van …?

2. Klaas vindt … recept beter.

3. Zal ik … even helpen?

4. Ik erger me aan … gemopper.

5. Ik doe dat in … aller belang.

6, Hij heeft u … brommer zien stallen.

7. Hij heeft … jas naar de garderobe gebracht.

8. Ik heb … broer ook uitgenodigd, meneer Jansen.

9. Dat is niet van … .

10.Ik waarschuw … niet nog een keer.

1.A.8

Wat is de betekenis van......?

1. inheems

a. van het land zelf

b. plat

c. achterstallig

2. feilloos

a. zonder fouten

b. heel diep

c. glad

3. amanuensis

a. helper bij scheikunde of natuurkunde

b. conciërge

c. hulpbisschop

4. fiasco

a. mislukking

b. samenwerking

c. ijskoud

5. benijden

a. jaloers zijn op

b. plat maken

c. zitten naast iets of iemand

6. alibi

a. bewijs dat je op moment van misdaad ergens anders was

b. vogel

c. visum

7. gecompliceerd

a. gekopieerd

b. moeilijk

c. bewerkt

8. parallel

a. evenwijdig

b. harde klap

c. parachutist

9. barbaars

a. arm

b. van de kapper

c. ruw

10. belemmeren

a. bevloeien

b. verhinderen

c. zeuren

1.A.9

Benoem het woord waar het cijfer achter staat.

De vijf (1) eilanden van de (2) Nederlandse Antillen en Aruba (3) hebben internationaal naam gemaakt door de prachtige (4) onderwaterwereld. De prachtige vissen (5) en het schitterende koraalrif trekken (6) liefhebbers van overal op de wereld. Indien (7) u wilt leren duiken, kunt u terecht bij talloze duikscholen. In (8) het hoogseizoen is het verstandig om een duikcursus te reserveren, de rest (9) van het jaar kunt u gewoon beginnen wanneer u (10) wilt.

1.A.10

Vul de juiste spelling in.

1: Het (stelen) schilderij.

2: Het (verkopen) boek.

3: Het (stranden) schip.

4: De (rennen) afstand.

5: De (lopen) afstand.

6: De (posten) brief.

7: Het (afbranden) huis.

8: De (sluiten) envelop.

9: De (openen) envelop.

10: De (verven) muren.

1.A.11

Wat is het meervoud van:

1: salto -

2: ree -

3: zee -

4: cadeau -

5: havik -

6: operatie -

7: observatie -

8: leeuwerik -

9: lomperik -

10: neusspray -

1.A.12

Werkwoordspelling

1. Ik ben benieuwd hoe lang hij het uithou... .

2. Hij beoordeel... de gebeurtenis niet erg objectief.

3. Word... je nog opgenomen in de selectie van het eerste elftal?

4. Heeft die scheidsrechter alweer ge... (fluiten) bij een thuiswedstrijd van onze club?

5. Ik ben in 2009 verhuis...naar Amsterdam.

6. Beantwoor... hij de post altijd zo laat?

7. Hij heeft zijn reactie maar snel gedele... .

8. Het gebeur... de laatste tijd steeds meer .

9. De lekkagevlekken zijn nog steeds zichtbaar op het pas gewi... plafond.

10. Hij zat op de plek waar hij wel vaker uitrus... na zware arbeid.

Credits:

Created with images by Skitterphoto - "windmill rural twilight netherlands dutch holland evening" • Pexels - "beautiful dark face" • MrTopper007 - "Kids going to school in India" • Editor B - "Dope King" • geralt - "system network news" • FocusEditzDeba - "clouds weather nature" • Efraimstochter - "troll gnome mythical creatures" • Meditations - "abstract blur britain" • Pixel-mixer - "crash test collision 60 km h" • Partij van de Arbeid (PvdA) - "Poster PvdA" • Dennis Buchner - "Woody’s Reflection" • dimitrisvetsikas1969 - "wagon bales hay" • Sean MacEntee - "email" • punttim - "woman cyclist tattoos arms skin ink bodyart" • brianteutsch - "Dabbing" • Martin Pettitt - "Warthogs Fighting" • CherylTan - "boy child thinking swimming swim meet pensive" • cocoparisienne - "dogs animals sunset friends friendship affection silhouette" • MemoryCatcher - "beached boat fishing wreck red abandoned fishing" • derwiki - "london parliament england ben ben westminster tower" • egrodziak - "His Master's Voice" • andy.osuna - "Tin Chaplin" • Unsplash - "concert audience performance entertainment crowd event festival" • JeepersMedia - "Green Beans" • Monikapp - "colour pencils scissors crayons color tinker stationery" • tpsdave - "freightliner ship cargo amsterdam netherlands port bay" • peterbeekmans - "DSC_1001.jpg" • 147685 - "nest bird's nest nesting blackbirds birds nature" • Minister-president - "Bezoek Afghanistan" • Miriam Rossignoli - "The Nederland" • kirkandmimi - "amsterdam canal boats relaxing soothing netherlands boat" • Walkerssk - "netherlands dutch windmill windmill river the sky" • Skitterphoto - "city groningen dutch holland building travel landscape" • peterbeekmans - "DSC_1842.jpg" • nhong - "amsterdam travel netherlands tourist" • EvgeniT - "texel lake north sea holiday beacon lighthouse"

Report Abuse

If you feel that this video content violates the Adobe Terms of Use, you may report this content by filling out this quick form.

To report a Copyright Violation, please follow Section 17 in the Terms of Use.