Loading

het stadsmuseum ontdek zijn geheimen met Nadia Stubbe en Annelies Dierickx-Visschers

Na de coronasluiting, opende ook het Stadsmuseum in de Langestraat 69 op 18 mei opnieuw de deuren. Het gebouw dateert van 1789 en deed vroeger dienst als koninklijke zomerresidentie en bood daarna onderdak aan scholen en andere organisaties. Vandaag kan je er verschillende aspecten van de Oostendse geschiedenis ontdekken. UiT van Thuis ging op bezoek en werd rondgeleid door Annelies Dierickx-Visschers, coördinator erfgoedprojecten bij Stad Oostende en Nadia Stubbe, voorzitter van De Koninklijke Heem- en Geschiedkundige Kring De Plate.

door Robine Vanderhaeghe

Hoe is het museum ontstaan?

Nadia: Het huidige Stadsmuseum kent een lange geschiedenis. In 1899 richtte Emile Baert een folkloremuseum op in een winkeltje in de Kerkstraat. Hij was een verzamelaar en stelde daar zijn persoonlijke stukken tentoon. Toen de winkel werd afgebroken, verhuisde de collectie naar een gebouw in het Maria Hendrikapark. Dit museum sloot zijn deuren van 1914 tot 1932. In 1932 opende het museum op een nieuwe locatie in het Fort Napoleon onder impuls van stadsarchivaris Carlo Loontiens. Tijdens de Tweede Wereldoorlog gingen helaas veel stukken verloren. Door de jaren heen was de (overgebleven) verzameling op verschillende locaties te zien. In 1954 richtten onder andere Ernest De Taeye en Jef Klausing Heemkring De Plate op. Zij waren zelf verzamelaars en samen met de familie Serruys besloten ze om hun privéstukken bijeen te brengen en die samen met de Stedelijke collectie tentoon te stellen. Daarna volgden nog meer verhuisbewegingen. Zo kwam het museum in 1970 terecht in het toenmalige Feest- en Kultuurpaleis. In 1996 besliste het Stadsbestuur in overeenstemming met De Plate om het heemkundig museum, dat ondertussen de naam wijzigde in Oostends Historisch Museum De Plate, onder te brengen in de voormalige koninklijke residentie in de Langestraat. Het museum opende uiteindelijk in 2002 de deuren.

Annelies: Sinds 2012 heet het museum, na een grondige herinrichting, Stadsmuseum. Dankzij financiële steun van Europa binnen het ‘HMS Interreg IV project’ kon de Stad het museum opwaarderen met aantrekkelijke belevingstools. Het beheer van het museum ligt in handen van De Plate. De Stad zorgt voor structurele en financiële ondersteuning en brengt via Erfgoeddag en andere activiteiten het rijke erfgoed van de Stad en het museum tot leven.

In het Stadsmuseum liepen koningen en koninginnen rond. Je treedt letterlijk in hun voetsporen.

Uit welke onderdelen bestaat het Stadsmuseum vandaag?

Nadia: Op de benedenverdieping staat de ontwikkeling van de stad centraal. Hoe is Oostende ontstaan? Hoe zag alles er vroeger uit? Op deze vragen krijg je een antwoord. Oostende zag er vroeger totaal anders uit. Het was in eerste instantie een klein (onbeduidend) vissersdorp. Op het gelijkvloers zijn er ook ruimtes voorbehouden voor thematentoonstellingen. De huidige thematentoonstelling over carnaval in Oostende werd verlengd en is tot 28 september 2020 te bezoeken.

Annelies: Een verdieping hoger besteden we veel aandacht aan de koninklijke aanwezigheid in Oostende. Je maakt er kennis met de Oostendse glorieperiode tijdens de belle époque met de grote bals, de carnavals, de opkomst van het toerisme… De bovenste verdieping van het gebouw bevindt zich in een achthoekig torentje in het dak en heeft een belvédère waar het heerlijk wegdromen is,… die is te bezoeken van zodra de coronamaatregelen het opnieuw toelaten. Overal in het museum hebben we de interactieve schermen coronaproof gemaakt, waardoor bezoekers het museum nog steeds op een fijne manier kunnen beleven.

Nadia: Op de eerste verdieping kan je ook de kamer bezoeken waar de eerste Belgische koningin Louise-Marie het leven liet. Ze spreekt er de bezoeker toe en vertelt er haar verhaal. Daarnaast is er ook een zaal over de Oostendse havenontwikkeling en de scheepswerven. Er staan prachtige maquettes en je kan er enkele leuke spelletjes spelen om je kennis van de scheepvaart te testen.

Verschillende (internationale) staatshoofden hebben in dit huis verbleven. Welke anekdotes kan je daarover vertellen?

Annelies: Koningin Louise-Marie verbleef regelmatig in dit huis dat een koninklijk buitenverblijf was. Ze leed vermoedelijk aan tuberculose en kwam vaak naar de kust om terug op krachten te komen. Ze bracht vele uren in de belvedère door. Destijds kon de koningin vanuit het torentje de zee zien. Ze was echter te zwak om de trappen tot boven te beklimmen. Daarom nam ze plaats in een mand die bedienden via de traphal naar boven takelden.

Nadia: Helaas is koningin Louise-Marie, ondanks onze goede zeelucht, in 1850 gestorven in dit huis. Ze was amper 38. De kamer waarin ze is gestorven, is net als toen ingericht. Het is er donker en de ramen en spiegels zijn afgedekt. Men geloofde dat de ziel van de stervende persoon daardoor niet verloren zou gaan. Als je de kamer binnenkomt, ervaar je de situatie van toen. Naast de koningin, resideerden nog meer belangrijke figuren in het huidige Stadsmuseum. Napoleon heeft één keer in dit huis overnacht in 1798. De Engelse koningin Victoria en haar man brachten in 1843 een bezoek aan Oostende en zij verbleven toen ook hier.

Wat is jouw favoriete stuk uit de collectie?

Nadia: De mooiste stukken zijn voor mij de maquettes van de oude vismijn, ‘De Cirk’ in de volksmond, en de maquettes van de vuurtorens. Dan moet ik denken aan de mooie Oostendse geschiedenis en de belangrijke gebeurtenissen zoals de Vissersopstand.

Annelies: Mijn voorkeur gaat uit naar de maquettes van de oude Kursaalgebouwen. Die zijn zo mooi uitgewerkt en zo gedetailleerd. Ze zijn getuigen van een groots verleden.

We hopen dat elke Oostendenaar hier eens binnenwandelt. Dat kan gratis, elke eerste zondag van de maand.

Heb je een leuk (onbekend) weetje over het Stadsmuseum?

Nadia: In het achterhuis van het gebouw had kunstenaar Maurice Boel ooit zijn atelier. Nu vind je op die plaats ons ‘Visserscafé’. We hebben die ruimte met poppen ingericht om het een authentieke look te geven. Normaal kan je er iets drinken, maar door de coronamaatregelen houden we het café nog even gesloten. Hou de website in de gaten, om te weten te komen wanneer we deuren van ons café opnieuw open zwieren. Een ander leuk weetje: dit gebouw heeft ook ooit dienstgedaan als balletschool. De leerlingen dansten toen op zolder.

Tot slot, waarom moet een Oostendenaar zeker langskomen in het Stadsmuseum?

Nadia: De Stad en Heemkring De Plate houden de geschiedenis van Oostende levendig en verwelkomen iedereen die in de geschiedenis van de stad en haar bewoners is geïnteresseerd. We hopen dat elke Oostendenaar hier eens binnenwandelt. Dat kan gratis, elke eerste zondag van de maand.

Annelies: Het museum dompelt je onder in zoveel verschillende aspecten van Oostende. Bovendien ademt dit gebouw geschiedenis. Als je in dit gebouw rondloopt, treed je letterlijk in de voetsporen van koningen en koninginnen. Je komt hier sowieso veel namen tegen die je bekend in de oren klinken. Namen van mensen die Oostende mee gevormd hebben tot de Stad die het vandaag is.

Nadia Stubbe en Annelies Dierickx-Visschers in het Stadsmuseum.

Het Stadsmuseum is, behalve op dinsdag, elke dag open van 10.00 tot 12.30 uur en van 14.00 tot 18.00 uur.

Reserveer je bezoek op voorhand via 059 51 67 21 of stadsmuseum@oostende.be, met vermelding van jouw naam, telefoonnummer, aantal personen, de dag en of je het museum graag in de voor- of in de namiddag bezoekt.

Oostendenaars en tweedeverblijvers kunnen het museum elke eerste zondag van de maand gratis bezoeken.

UiT in Oostende is een publicatie van Stad Oostende (juli 2020)

Foto’s: David Samyn

Meer artikels op www.oostende.be/UiTvanThuis

Created By
Chris Muylle
Appreciate